Medifex
Toolkit / Post Mortem Interval

Post Mortem Interval

DEMOVul één of meerdere methoden in. De resultaatkolom rechts houdt lopend bij welke methoden zijn ingevuld.

§ GEEN METHODE GEKOZEN

Kies een methode in het menu links.

Selecteer één van de vijf onderzoeksmethoden om het postmortaal interval te schatten. Je kunt ze los invullen of combineren voor een nauwkeuriger resultaat.

METHODE 03 · LICHAAMSKOELING

Lijkafkoeling Henssge nomogram

Model volgens Henssge & Madea 2004, gevalideerd t/m ~30u postmortem.
01 Temperatuurmetingen
°C
1037°C
Meetwaarde bij schouwing
°C
−1035°C
Gemiddelde in de ruimte
kg
30150 kg
Geschat of gemeten
T₀ BIJ OVERLIJDEN 37,2°C Standaard (Henssge) · vast
02 Tijdstip van meting
Vul het werkelijke moment van de meting in. Dit wordt niet automatisch ingevuld, zodat het tijdstip van overlijden klopt.
03 Correctiefactoren HENSSGE-COËFFICIËNT
Klaar voor berekening
Let op — disclaimer + bron

Deze schatting implementeert het Henssge Nomogram (1988/2004) en is een hulpmiddel, geen klinisch oordeel. Kruisvergelijk altijd met de officiële referentie: swisswuff.ch/calculators/todeszeit.php. Afwijkingen kunnen optreden bij Ta > 23 °C of Q buiten 0,2–0,5. Gebruik op eigen verantwoordelijkheid.

Caveat: CF-tabel buiten ~70 kg-zone

Henssge kalibreerde de CF-lijst op ~70 kg-lichamen. Bij zeer lichte (<50 kg) of zware (>100 kg) lichamen kan dezelfde fysieke conditie (bijv. een deken) relatief meer of minder isolerend zijn. Potente et al. (2019) publiceerden een wiskundige correctie hiervoor. De tool waarschuwt in die zone maar past de CF niet automatisch aan; gebruik dan de gescalede waarde uit Madea 2022 Tabel 7.1.10 (zie verify-modal) of Potente's formule.

Bronnen: Potente S, Kettner M, Ishikawa T. Time since death nomographs implementing the nomogram, body weight adjusted correction factors, metric and imperial measurements. Int J Legal Med. 2019;133(2):491-499. · Otatsume M, Shinkawa N, Tachibana M, et al. Technical note: Excel spreadsheet calculation of the Henssge equation as an aid to estimating postmortem interval. J Forensic Leg Med. 2024;101:102634.

Model niet toepasbaar bij — 8 condities
  • Vindplaats ≠ plaats van overlijden
  • Sterke warmtebron nabij lichaam (verwarming, direct zonlicht)
  • Ongewone afkoelingsomstandigheden (bv. bluswater)
  • Vloerverwarming onder lichaam
  • Verdenking op hypothermie of (maligne) hyperthermie bij overlijden
  • Sterke verandering van de omgevingstemperatuur
  • Rectale temp. ≥ 37,2 °C (lichaam niet afgekoeld onder T₀)
  • Rectale temp. ≤ omgevingstemperatuur (thermisch evenwicht)
Uitkomst Henssge-nomogram

Bronnen

  1. Forensisch Medisch Genootschap. Richtlijn postmortaal interval [Internet]. [cited 2026 May 31]. Available from: https://www.forgen.nl/
  2. Madea B, editor. Handbook of forensic medicine. 2nd ed. Hoboken: Wiley-Blackwell; 2022. Chapter 7, Postmortem changes and time since death.
  3. Henssge C, Knight B, Krompecher T, Madea B, Nokes L. The estimation of the time since death in the early postmortem period. London: Arnold; 2002.
  4. Henssge C, Madea B. Estimation of the time since death in the early post-mortem period. Forensic Sci Int. 2004;144(2-3):167-175.
  5. Potente S, Kettner M, Ishikawa T. Time since death nomographs implementing the nomogram, body weight adjusted correction factors, metric and imperial measurements. Int J Legal Med. 2019;133(2):491-499.
  6. Otatsume M, Shinkawa N, Tachibana M, et al. Technical note: Excel spreadsheet calculation of the Henssge equation as an aid to estimating postmortem interval. J Forensic Leg Med. 2024;101:102634.
  7. Van de Voorde W. Forensische geneeskunde. Brugge: Die Keure; 2016. p. 60-66.
SNEL INVULLEN · BÈTA

Plak uit EPD desktop-only

00Schouwtekst plakken
Plak het blok van onderzoek t/m laatst levend contact uit het schouwverslag. De tool haalt zelf de juiste velden eruit.
METHODE 01 · LIJKVLEKKEN

Lijkvlekken

Gebaseerd op Van de Voorde 2016, tabel 16.

Lees de PMI-tags zo: elke range (bv. PMI 3–16 u) geeft de tijdsband waarin deze bevinding typisch optreedt — niet de duur van het fenomeen. Op de tijdlijn is dat de band waarin het overlijden waarschijnlijk viel.

01Zijn de lijkvlekken zichtbaar? BEGIN
02Zijn de lijkvlekken samengevloeid? CONFLUENTIE
03Maximale ontwikkeling bereikt? INTENSITEIT
04Wegdrukbaarheid DIASCOPIE
05Verplaatsbaarheid na positieverandering REPOSITIE
GEGENEREERDE TEKST
Selecteer kenmerken om een tekst te genereren.

Bronnen

  1. Van de Voorde W. Forensische geneeskunde. Brugge: Die Keure; 2016. p. 66-69.
  2. Forensisch Medisch Genootschap. Richtlijn postmortaal interval [Internet]. [cited 2026 May 31]. Available from: https://www.forgen.nl/
METHODE 02 · LIJKSTIJFHEID

Lijkstijfheid

Van de Voorde 2016, Henssge & Madea 2004.

Lees de PMI-tags zo: de range geeft de tijdsband waarin de bevinding typisch optreedt.

01Ontstaan van lijkstijfheidBEGIN
02Wederoptreden na verbrekenREINDUCTIE
03Volledige ontwikkelingMAXIMUM
04Verdwijnen van lijkstijfheidRESOLUTIE
GEGENEREERDE TEKST
Selecteer kenmerken om een tekst te genereren.

Bronnen

  1. Van de Voorde W. Forensische geneeskunde. Brugge: Die Keure; 2016. p. 69-71.
  2. Forensisch Medisch Genootschap. Richtlijn postmortaal interval [Internet]. [cited 2026 May 31]. Available from: https://www.forgen.nl/
  3. Henssge C, Madea B. Estimation of the time since death in the early post-mortem period. Forensic Sci Int. 2004;144(2-3):167-175.
METHODE 05 · SUPRAVITALE REACTIES

Supravitaliteit

Madea 2022; Van de Voorde 2016; Sauvageau & Racette 2007.

Lees de PMI-tags zo: supravitale reacties geven vaak een bovengrens (<) of ondergrens (>), niet altijd een gesloten tijdsband.

01Mechanische excitabiliteit (Zsako-fenomeen)SPIER
GEGENEREERDE TEKST
Selecteer kenmerken om een tekst te genereren.

Bronnen

  1. Madea B, editor. Handbook of forensic medicine. 2nd ed. Hoboken: Wiley-Blackwell; 2022. Chapter 7, Postmortem changes and time since death.
  2. Van de Voorde W. Forensische geneeskunde. Brugge: Die Keure; 2016. p. 71-73.
  3. Sauvageau A, Racette S. Supravital reactions: a review of the literature. Med Sci Law. 2007;47(1):9-17.
  4. Stigter H, Krap T, et al. Technical note: practical application of post-mortem mechanical stimulation of skeletal muscle, a field study. Int J Legal Med. 2024;138(1):55-60.
  5. Stigter H, Krap T, et al. Estimation of the post-mortem interval; added value of mechanical excitability of human skeletal muscle. J Forensic Leg Med. 2024;103:102664.
  6. Forensisch Medisch Genootschap. Richtlijn postmortaal interval [Internet]. [cited 2026 May 31]. Available from: https://www.forgen.nl/
METHODE 04 · ONTBINDING

Autolyse & putrefactie

Van de Voorde 2016; Knight, Forensic Pathology.
Bij zichtbare ontbinding zijn lijkvlekken / lijkstijfheid / supravitale reacties doorgaans niet meer informatief. In deze fase is de ontbindingscheck meestal voldoende tijdsaanwijzing.
01Waargenomen verschijnselen10 KENMERKEN · VINK AAN
02OmgevingsfactorenCASPER'S RULE
OVERZICHTSTEKST
Selecteer waarnemingen om een overzichtstekst te genereren.

Bronnen

  1. Van de Voorde W. Forensische geneeskunde. Brugge: Die Keure; 2016. p. 73-80.
  2. Forensisch Medisch Genootschap. Richtlijn postmortaal interval [Internet]. [cited 2026 May 31]. Available from: https://www.forgen.nl/
  3. Saukko P, Knight B. Knight's forensic pathology. 3rd ed. London: Arnold; 2004.